Marsepijn is fijn

TwitterFacebookTumblr

In de jaren dat ik bij de Koninklijke Landmacht rondrende riepen we vol enthousiasme:

Pijn is fijn. Jeuk is leuk. Bloed moet.

Ik weet, dat slaat nergens op. Maar — leve de vrije associatieve therapie — daar moest ik aan denken toen ik in een weekkrantje de volgende advertentie tegenkwam:

Weekend aanbieding: een lente marsepijn stukje voor een kleine 7 euro.

Oh my god!

marsepijn

Wat geniet jouw voorkeur? Adverteer je met een aanbieding waarmee je grammaticaal ongenadig de peinbank opgaat? Of  kies je ervoor om gewoon lekkere marsepijn smikkels te maken? En maar te hopen dat er ook daadwerkelijk klanten op afkomen?

  ·

WILFer – what was I looking for?

TwitterFacebookTumblr

Het taalpost woord van de week: wilfer.

Op 10 april werd een onderzoek gepubliceerd waaruit blijkt dat heel wat internetgebruikers zichzelf er regelmatig op betrappen dat ze al surfend op het internet niet meer weten naar welke informatie ze eigenlijk op zoek waren. Bij een enquete van een Brits onderzoeksbureau gaf een kwart van de ondervraagden toe zich toch wel twee keer per maand op deze wijze door de beschikbare informatie te laten afleiden. ‘Wilfen’ wordt dat genoemd, en mensen die wilfen zijn ‘wilfers’. ‘Wilfen’ is gebaseerd op het Engelse werkwoord ‘to wilf’. Dat is gevormd van de afkorting ‘WILF’, die staat voor: ‘What was I looking for?

Proest. Dit is een feest der herkenning. Ik beschouw mezelf als de vader van alle wilfers! Hoe vaak dat ik op het internet aan het rondklikken ben en me opeens afvraag waarom ik in vredesnaam die browser startte.

Meer taalweetjes en -kronkels lees je op de Taalpost website.

  · · ·

Allroundschaatsen of allround schaatsen?

TwitterFacebookTumblr

Allround schaatsen Irene Wust

Hey, weer eens een nuttig (?) taaltippie via de taalpost nieuwsbrief. Ingegeven door de actualiteit.

In dit geval het wereldkampioenschap allroundschaatsen van afgelopen weekend in Heerenveen, waar zowel Ireen Wüst als Sven Kramer goud in de wacht sleepten …

Ireen Wüst en Sven Kramer hebben gisteren de wereldtitel in het allroundschaatsen (vier verschillende afstanden) gewonnen. Zijn zij nu ‘allroundschaatsers’ of ‘allround schaatsers’?

‘Allround’ is volgens Van Dale een bijvoeglijk naamwoord. ‘Een allround schaatser’ is dus goed: dat is een schaatser die van alle markten thuis is. Misschien kan hij of zij ook wel heel goed kunstschaatsen en marathons rijden. Maar bijvoeglijke naamwoorden kunnen ook als bijwoord worden gebruikt; in combinatie met een zelfstandig naamwoord wordt het dan één woord. ‘Allroundschaatsen’ is zo’n vaste combinatie, met een vaste betekenis: zowel sprint- als langere afstanden beheersen en dat laten zien in wedstrijden over 500 tot 10.000 meter. Iemand die die sport beoefent, is een ‘allroundschaatser’.

Het verschil in schrijfwijze blijkt ook uit de klemtoon: die ligt bij aaneenschrijven op het eerste woorddeel (‘allróúndschaatser’) en als je het los schrijft vooral op het laatste (‘allround scháátser’).

  · ·

Letters van chocolade

TwitterFacebookTumblr

Chocolade KMet Sinterklaasavond om de hoek valt in de Taalpost nieuwsbrief van vier december 2006 te lezen:

Een letter van chocolade kunnen we zowel een chocoladeletter als een chocoladen letter noemen. Bij chocoladeletter gaat het om een samenstelling van de zelfstandig naamwoorden chocolade en letter. Samenstellingen schrijven we aaneen en het eerste woorddeel krijgt de klemtoon: chocoládeletter. (Hoewel we naast chocolade ook de variant chocola kennen, gebruiken we in samenstellingen de vorm die op -de eindigt.)

In de combinatie chocoladen letter ligt de klemtoon meer op letter dan op chocoladen. Chocoladen, ‘van chocolade gemaakt’, is een zogenoemd stoffelijk bijvoeglijk naamwoord: een bijvoeglijk naamwoord dat met het achtervoegsel -(e)n is afgeleid van een stofnaam. Bekende voorbeelden van dit soort bijvoeglijke naamwoorden zijn betonnen en houten. Er zijn in het Nederlands vrij weinig ‘eetbare’ stoffelijke bijvoeglijke naamwoorden, maar chocoladen is er een van (net als marsepeinen en taaitaaien).

Overigens is chocoladeletter veel gebruikelijker dan chocoladen letter.

T’is maar even dat je het weet …

  ·

Taalpost over dat-ie

TwitterFacebookTumblr

Vaak zeg je ie in plaats van hij. Maar ik wist absoluut niet dat je ie mag gebruiken in schrijftaal zonder je de ogen uit het hoofd te schamen. In Taalpost nieuwsbrief 571 wordt het haarfijn uitgelegd:

Het persoonlijk voornaamwoord ‘ie’ (in de betekenis ‘hij’) is een speciaal geval. Het is ontstaan als verkorting van ‘hij’; de h is weggelaten en de [ij]-klank is in een [ie] veranderd. Dat laatste komt doordat ‘ie’ altijd in onbeklemtoonde positie staat, doorgaans na een persoonsvorm of een voegwoord: ‘heeft-ie’, ‘dat-ie’, et cetera.

Omdat het een inkorting is, zou je verwachten dat het weggelaten deel met een apostrof wordt weergegeven. We korten ‘zijn’ en ‘het’ bijvoorbeeld ook in tot ‘z’n’ en ”t’. Maar ‘ie’ mét een apostrof is niet helemaal zuiver, want het is geen inkorting van ‘hie’. We behandelen dit woord dus als een uitzondering: we schrijven het zonder apostrof; bovendien wordt het met een streepje gekoppeld aan het voorafgaande woord.

Ten slotte: ‘ie’ kan niet altijd in de plaats van ‘hij’ komen. We kunnen bijvoorbeeld niet zeggen: ‘Ie komt morgen niet’, maar wel ‘Morgen komt-ie niet.’ Het kan ook niet benadrukt worden: ‘Denk je dat-íé het kan?’

  · ·